Digitale Vliegvisser

De laatste jaren ben ik door mijn mindere gezondheid niet meer in de gelegenheid om de reisjes naar verre oorden of zelfs oosterbuur  Duitsland mee te maken. Ergo ook mijn favoriete oord Noorwegen wordt jammer genoeg niet meer vereerd met een vakantie/visvakantie.
Hoewel dit jaar staat Denemarken voor een vakantie in de planning en dan zal ook wel eens gevist worden.
Door de eerste reden zijn mijn bindwerkzaamheden dan ook aanmerkelijk toegenomen. Een  foto van enkele bind resultaten is bijgevoegd.
Wel valt mij op dat er steeds met kleinere vliegen gevist moet worden #16 en #18 is heel normaal om vis op de kant te brengen. De bruine vlieg is in dit geval #14 en bracht bij mij geen enkele vis aan de haak. Overgestapt naar #16 bracht aanbeet op aanbeet en ook veel vis in het handje. Hoezo maakt grootte een verschil of ”liever gezegd Klein maar fijn” ( en niet alleen bij het vissen)!!!!!!



Ik, als leek, denk zelf dat het te maken heeft met de veranderende waterkwaliteit. Minder fosfaten waardoor  minder algen, minder watervlooien minder en kleinere insecten en dus gaat de vis over op een kleiner soort voedsel.
Vissen in en rond Zoetermeer lukt nog wel voor een paar keer per week en voor een beperkt aantal uurtjes. In die uren wordt ik vaak vergezeld door Henk D, Rien H en Kees Carpentier, oud WF lid. Diezelfde heerschappen helpen mij dan ook wel weer van de gemaakte huisvlijt af en blijft de voorraad vliegen, die thuis op peil werd gebracht, na een vismiddag weer om de nodige aanvullingen vragen.
Vissen met een beetverklikker is de regel, zonder verklikker is de aanbeet niet of nauwelijks te zien. Ikzelf vis met gewicht vóór de vlieg. Omdat ik zo min mogelijk lood wil gebruiken heb ik, misschien niet als eerste, een systeem bedacht met behulp van een goudkopje.
Ik gebruik een 2,3 of 3 mm goudkop vouw mijn leader dubbel en steek de ontstane lus door de opening van het goudkopje. In de lus die nu aan de andere kant van het goudkopje zit doe ik een klein stukje elastiek. Ik trek nu met mijn leader het stukje elastiek in de opening van het goudkopje. Zit lekker strak en schuift niet gemakkelijk naar onder bij het werpen. Wel kun je heel gemakkelijk het extra gewichtje omhoog en omlaag brengen. Soms ligt de vis zo vast op de bodem dat je echt met je vlieg over de bodem moet krabben, dan helpt dit gewichtje enorm om snel op diepte te komen want met die kleine vliegjes kan dat soms best lang duren ook al gebruik je tungsten kopjes.
De oudste visser die op en rond het door ons bezochte viswater rondspringt is slechts 87 jaren jong en wordt door ons dan ook  consequent ouwe Joop genoemd, hij vist ons allemaal richting wanhoop. Als wij 30-40 vissen landen staat Joop er heel rustig 60-70 te vangen en noemt dat dan ook nog een “mindere”dag.

Een leuke ervaring was onlangs de volgende. Tot mijn spaarzame contacten uit mijn VNV tijd hoort Hyppo Wanders de lay-out man van ons onvolprezen blad de Nederlandse Vliegvisser en van de Digitale Vliegvisser. Hij was op zoek naar urban vliegvissen in de winter en hoorde van mij dat de ouwe mannen club in en rond Zoetermeer de nodige voorns wist te verschalken.
Een afspraak was heel snel gemaakt en ik zou zorgen voor de benodigde filmsterren in de personen van Henk D en Rien H, aangezien ik op foto’s  innerlijk nogal bewogen ben had ik uitdrukkelijk aangegeven dat ik NIET op de foto wilde.

Op een dinsdagmiddag in januari met de hele santemekraam richting het viswater. De visgoden waren gelukkig meer met ons dan de weergoden. Vis voldoende maar wel heel koude vingertjes. Ik denk dat ieder van ons ergens tussen de 15 en 30 voorns en baarsjes op de kant wist te brengen.
Onderstaande foto uit de Digitale Vliegvissser nr 6 laat dat wel zien.

Ik was heel blij dat wij, niet zulke ervaren vliegvissers, toch nog het nodige aan de vliegvisrot Hyppo konden leren.

Albert

This entry was posted in verhalen. Bookmark the permalink.